Het Kaap-project: onderzoek bij anderstalige ouders

In het schooljaar 2011-2012 werd onderzocht of Kaap een impact heeft op de taalvaardigheid van de ouders en de betrokkenheid met de school. Er werd gekozen om deze keer niet langs lesgevers, beleidsmakers of scholen te gaan, maar de Kaapouders zelf te bevragen. 68 Kaapouders waren bereid om hun verhaal over Kaap te vertellen. Het Kaapproject van de stad Antwerpen staat voor een aanbod Nederlands voor anderstalige ouders op de school van hun kind(eren). In dit aanbod staat niet alleen het verwerven van het Nederlands centraal maar ook het verhogen van de betrokkenheid tussen de school en de ouders. Anderstalige ouders kunnen maximaal één jaar Kaap volgen. 

Bevraging kaapouders

De groep Kaapouders bestond uit gealfabetiseerde en analfabete ouders, hooggeschoolden en laaggeschoolden, ouders met geen tot veel kennis van het Nederlands. Ze hebben allemaal het volledige Kaapjaar doorlopen in de schooljaren 2007-2008, 2008-2009, 2009-2010 of 2010-2011.

De grote meerderheid (56) van geïnterviewde ouders geeft aan dat Kaap een impact heeft gehad. Hoe groot deze impact is en tot welke contactmomenten met de school Kaap een positieve bijdrage heeft geleverd, is niet voor al deze ouders gelijk. Sommige ouders komen nu, in tegenstelling tot de periode vóór Kaap, naar het oudercontact en schrijven een kort briefje. Andere ouders volgen nu wel de agenda op, kunnen de brieven lezen, maar schrijven geen briefje. Nog andere ouders voeren informele gesprekken met de leerkracht, maar komen (nog) niet naar het oudercontact. Voor een meerderheid van de ouders zijn deze veranderingen blijvend, dit wil zeggen tot vandaag, voor andere ouders was er enkel een verandering tijdens het Kaapjaar.

Betere communicatie

Door Kaap hebben de Kaapouders de nodige taalvaardigheid verworven om beter te communiceren met de school. Maar Kaap heeft evenzeer bijgedragen tot meer inzicht in en kennis over de school en heeft de ouders bovenal het zelfvertrouwen en de durf gegeven om in dialoog te gaan met de school. Aan de kant van de school signaleren de geïnterviewde ouders ook veranderingen. Leerkrachten tonen een zeer positieve en bemoedigende houding ten aanzien van de Kaapouders. Dit helpt hen ook om de drempel naar de school toe te overwinnen.

Aandachtspunten voor de toekomst

De fysieke en inhoudelijke inbedding van Kaap op de school, lijkt zijn effect niet te missen. Er zijn echter twee punten waarop Kaap een beperkt impact blijkt te hebben. In de eerste plaats het contact met andere ouders. Vanuit het oogpunt op verdere taalverwerving wil Kaap ook bijdragen tot een Nederlandstalig netwerk met Nederlandstalige ouders, een NEDwerk. Door Kaapouders en Nederlandstalige ouders in contact te brengen met elkaar kan dit ontstaan. Slechts enkele Kaapouders zeggen dergelijk NEDwerk te hebben.

Ten tweede blijkt er op vlak van deelname aan activiteiten op de school weinig verandering te zijn. Hoewel Kaapouders actief participeren tijdens het Kaapjaar, worden zij nadien nog zelden expliciet aangesproken door de scholen. Wanneer Kaap afloopt, lijkt er nog weinig verder gezet te worden op schoolniveau. Een actieplan of het werken met Kaapambassadeurs, zou hier een antwoord kunnen op bieden. Op die manier kunnen de inspanningen van ouders én school ten volle gevaloriseerd worden.

De term Kaap verwijst naar het samen bereiken of ronden van een kaap, een mijlpaal. Kaap zou evengoed kunnen staan voor Kansrijk in (inter)Actie met Anderstalige Partners. Voor de Kaapouders blijkt het alvast de moeite waard om hierop te blijven inzetten.

Het onderzoek werd uitgevoerd door het Centrum voor Taal en Onderwijs (KU Leuven) in opdracht van de afdeling onderwijsbeleid van de stad Antwerpen. Hier vindt u her het volledige onderzoeksrapport.

Verwante documenten: